Emblemata amatoria


auteur: P.C. Hooft


editeur: Karel Porteman en Andries Welkenhuysen


bron: P.C. Hooft, Emblemata amatoria. Afbeeldinghen van minne. Emblèmes d'amour (Amsterdam 1611), (ed. K. Porteman met een vertaling van de Latijnsche disticha door A. Welkenhuysen). Martinus Nijhoff, Leiden 1983  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Emblemata amatoria

P.C. Hooft

editie K. Porteman


Inhoudsopgave

Verantwoording

Inleiding De Emblemata amatoria , een wat verwaarloosd, maar belangrijk boek

De liefdesemblematiek

De ‘Emblemata amatoria’

[Emblemata Amatoria. Afbeeldinghen van Minne. Emblemes d'Amovr.] Voorreden tot de Ievcht

I [Zy steeckt om hoogh het hooft.]

II [Datje mijn haet en dunckt my niet.]

III [Een treckt my.]

IV [Van branden blinckt hy.]

V [Ick buijgh en breeck niet.]

VI [Zy druckt en heft.]

VII [Gheen ben ick sonder u.]

VIII [Ghy vveckt my van der doodt.]

IX [VVaerom ghy meer als ick?]

X [In lyden blinck ick.]

XI [Zy blinckt, en doet al blincken.]

XII [Dienende teer ick uijt.]

XIII [Zy brandt en beeft.]

XIV [Ick voed' een vvondt.]

XV [Zy leeft en doet oock leven.]

XVI ['Tmoet nu voort.]

XVII [Des eenes glans des anders brandt.]

XVIII [Hoe hoogher hoe heeter.]

XIX [Een die my past.]

XX [Deur valsch.]

XXI ['Touvvde deuntjen.]

XXII [Branden't.]

XXIII [Coudt zijnde sticht zy brandt.]

XXIV [Van u mijn licht.]

XXV [Niet aen ghevanghen.]

XXVI [Die sielen neemt en gheeft.]

XXVII [Willighe vanckenis.]

XXVIII [Voor vryheyt vaylicheyt.]

XXIX [Daer schuijlt.]

XXX [Van't leven comt de doodt.]

Commentaar

Bijlage 1

Bijlage 2

Bijlage 3

Bijlage 4

Beknopte bibliografie

Lijst van illustraties